Skip to content
harry_boeschoten_staatsbosbeheer_--martinekrekelaar_a0a4851.jpg
Vijf vragen aan Harry Boeschoten

Natuur als nutsvoorziening

29 juni 2015

De aanleg van natuur was vroeger een bijzaak voor bouwers en ontwikkelaars. Veel natuurgebieden zijn daarom slecht bereikbaar vanuit steden en dorpen. Harry Boeschoten van Staatsbosbeheer lobbyt daarom voor aaneengeschakeld groen netwerk van natuurgebieden. Zijn missie is om elke Nederlander aan te sluiten op dit natuurweb.

1. Stedelijk groen, dat is toch geen taak voor Staatsbosbeheer?

“We beheren niet alleen grote en bekende natuurgebieden, zoals op de Veluwe of de Oostvaardersplassen. We zorgen ook voor groen vlakbij of in de stad, zoals de natuurgebieden in Midden-Delfland tussen Den Haag en Rotterdam en het Haagse Bos. Vooral de recreatiegebieden, die vaak veertig jaar geleden zijn aangelegd voldoen niet meer aan de huidige behoeftes.

Vroeger waren recreanten misschien wel minder veeleisend. Je had een bos om in te wandelen, een ligweide om te picknicken en een vijver om in te zwemmen. Nu leggen mensen wandelend, fietsend en hardlopend veel meer kilometers af dan toen. Ze zoeken afwisseling en aantrekkelijke gebieden. Daarom is het nodig alle grote en kleine natuurgebieden aan elkaar te koppelen. Om dit te realiseren, zetten we drie jaar geleden het programma Groene Metropool op.

harry_boeschoten_staatsbosbeheer_--martinekrekelaar_a0a4755.jpg

Onze missie is om iedere Nederlander aan te sluiten op een groen netwerk. Vanuit die visie bekijken we welke behoeften er zijn en hoe wij daar met onze bestaande groene gebieden aan bijdragen. Dat vraagt om samenwerking met andere partijen, binnen én buiten de stad.
De eerste gesprekken met gemeentes en projectontwikkelaars verliepen wat stroef omdat we sterk aanbodgericht dachten. Ze gingen daarom vooral over de klassieke visie op natuur en recreatie. Ik gooide daarom het roer drastisch om en ben vanuit de stad gaan denken, vraaggericht. Op thema’s als wateroverlast, hittestress, bewegen, gezondheid en hun relatie met groen werd wél enthousiast gereageerd.”

harry_boeschoten_staatsbosbeheer_--martinekrekelaar_a0a4844.jpg

2. Een groen netwerk. Leg eens uit?

“Als we de natuurgebieden aan onze stadsgrenzen succesvol willen herinrichten, moeten ze onderdeel zijn van een groen (natuur) en blauw (water) netwerk, dat vanuit de binnensteden het land dooradert. Een nieuwe nutsvoorziening, die net als elektriciteit en water elk huishouden bedient. Groen is immers een algemeen maatschappelijk belang en draagt bij aan onze gezondheid.

harry_boeschoten_staatsbosbeheer_--martinekrekelaar_a0a4897.jpg

In dit doorlopende, drempelloze natuurnetwerk, van grotere gebieden tot kleinere haarvaten, kun je een ommetje maken, boodschappen doen en naar het station fietsen. In een ideale wereld beginnen we met de aanleg van groene daken, geveltuintjes en bomen in straten. Deze ‘haarvaten’ zorgen voor een verbinding met plantsoenen en parkjes iets verder buiten het centrum. Die zouden we dan weer moeten verbinden met natuur- en recreatiegebieden en sportvelden aan de randen van de stad.”