Vijf vragen aan Raoul van Acker

TomTom voor vleermuizen

Vleermuizen zien in de schemering brengt geluk. Heijmans-ecoloog Raoul van Acker ziet er heel wat, maar hij wordt pas echt gelukkig van de slimme oplossing waarmee hij deze beschermde dieren de verbrede N35 tussen Zwolle en Wijthmen over laat steken. 

15 oktober 2018

Hoe kwam de opdracht tot stand?

Heijmans kreeg de opdracht van Rijkswaterstaat om de N35 te verbreden, om de toenemende drukte te verminderen. We hebben de weg verbreed en om de kern van Wijthmen heen geleid, zodat het verkeer veilig en vlot kan doorrijden. Deze ingrepen verstoorden vier vliegroutes, waarvan drie essentiële, van diverse soorten vleermuizen. De vleermuizen gebruiken ze om te fourageren en te jagen. Met name het nabijgelegen landgoed Soeslo met zijn historische bebouwing (veel gaten en kieren) en oude bomen (hebben veel holten en spleten) is de bakermat voor deze zoogdieren.

Omdat alle vleermuizen bij de wet beschermd zijn, is bij de start van het traject door Rijkswaterstaat in kaart gebracht welke verschillende soorten in het projectgebied leven en wat hun vliegroutes zijn. Die routes bestaan voor een groot deel uit lijnen van boomkronen en -toppen, waar ze zich met hun sonar op richten.

Raoul van Acker vleermuisbrug N35 6.jpg

Raoul van Acker op landgoed Soeslo, het domein van diverse soorten vleermuizen, vanwege de oude bomen vol spleten.

De belangrijkste vliegroute die we zagen wordt gebruikt door wel vijf verschillende soorten: de gewone grootoorvleermuis, de baardvleermuis, de gewone en de ruige dwergvleermuis en de laatvlieger. Op een andere route, het voormalige Soeslopad, zijn bomen gekapt voor de aanleg van de N35. Hierdoor ontstond een ‘gat’ van ruim twintig meter dat voor een aantal soorten een onneembare barrière is.

Bomen terugplanten dus?

Zeker, op verschillende plekken langs de N35 zijn nieuwe bomen geplant op de vliegroutes. Door die zo dicht mogelijk langs de nieuwe weg te zetten, maak je een nieuwe oversteek, dat noemen we een ‘hop over’. Ik wees Rijkswaterstaat op het belang van de hoogte van de nieuwe bomen: als die lager zijn dan de ‘oude’, gaan dwergvleermuizen bij gebrek aan oriëntatiepunten ‘duiken’, laag over de weg vliegen. Dat is gevaarlijk voor automobilisten en voor henzelf.

Bovendien ontstonden tijdens het ontwerpproces van de N35 nieuwe inzichten waar de voorgenomen maatregelen geen oplossing voor waren. Zo lieten de baardvleermuizen zich niet meer zien, bleek uit onderzoek. Zoveel mogelijk van de oude bomenrij was blijven staan, maar blijkbaar was dit niet voldoende voor de dieren om de oversteek te wagen. Ook hier zouden de dieren gaan duiken. Rijkswaterstaat en Heijmans moesten daarom een extra oplossing bedenken.

Welke andere maatregelen zijn gebruikelijk?

Een ecoduct of natuurbrug, maar die paste niet bij dit project. Schermen langs de weg kunnen werken, voor geleiding en luwte van licht en geluid. Soms wordt ook een object op een paal in de geleiderails gezet, een zogenaamde Pompeblêd, zoals bij de N381. Een portaal met bewegwijzering? Dat zou mogelijk geweest kunnen zijn, maar uit onderzoek bleek dat dit niet voor de N35 het geval was.

Raoul van Acker vleermuisbrug N35 3.jpg

Raoul deed onderzoek naar allerlei vleermuisbruggen, waarvan een buisportaal het meest efficiƫnt bleek.

Rijkswaterstaat vroeg mij diverse varianten van vleermuisportalen te onderzoeken aan de hand van criteria als effectiviteit, maakbaarheid, vergunningsplicht, inpassing, kosten, planning en onderhoud. Daarvoor heb ik de eerste portaalconstructies voor vleermuizen in Nederland onder andere bij de N33 in Gieten en de N279 bij Veghel onderzocht. Ook deed ik onderzoek naar dakgootachtige portalen in Frankrijk die goed werken.

Hoe kwamen jullie tot een besluit?

Een kolom- of buisportaal met een lengte van dertig meter bleek de meeste geschikte variant. Voor dit type was geen bouwvergunning nodig. Ook had deze vorm de minste impact op de bestaande bomenrij én het geluidsscherm. Daarbij was dit portaal Cradle-to-cradle gecertificeerd. 

Vanuit esthetisch oogpunt wilde Rijkswaterstaat tevens een portaal dat goed in omgeving past; een portaal met een subtiele verwijzing naar de vleermuizen. Daarom lieten we een architect nog drie schetsen maken, waaronder één waarin de betonnen eindstukken van de geluidsschermen punten hebben, zodat de hele brug er uitziet als het Batmanlogo. Vanwege het kostenplaatje heeft geen van de drie schetsen het helaas gehaald.

Tegen de legger van de aluminium overspanning zijn nu bruin gecoate platen van 1.20 meter hoog aangebracht. Deze zorgen voor beschutting en geleiding voor de vleermuizen. Op die platen is de naam Vleermuisportaal aangebracht, zodat automobilisten zich niet hoeven af te vragen waar ze onder doorrijden.

Belangrijk voor het portaal is dat deze aan beide kanten van de weg goed aansluit op elementen in het landschap die vleermuizen gebruiken. Je moet dus ook toeleidende beplanting aanleggen zoals wij dat noemen. Zie het als een trechter van groen naar het buisportaal toe. 

Raoul van Acker vleermuisbrug N35 21.jpg

De cannelures in de geluidsschermen helpen het geluid van de weg voor de omwonenden te beperken.

Ben je nu een gelukkig mens?

Ja! Toen onze collega’s het portaal gingen plaatsen, wilde ik per se aanwezig zijn. Op een donderdagnacht in juni was het zover: de overspanning lag tegen middernacht op zijn plek. Bij het aanbreken van de ochtend waren de collega's van Heijmans klaar.

Of de eerste vleermuizen al zijn overgestoken? Dat weten we inmiddels. Rijkswaterstaat heeft naar aanleiding van monitoring vastgesteld dat het vleermuisportaal functioneert!