Langs de lijn bij Grauwaart Leidsche Rijn

Wonen krijgt kleur in Grauwaart

Het dertiende-eeuwse kasteel Grauwaart is verdwenen. Maar de grandeur bleef. Op verkenning in een deelwijk van Leidsche Rijn, waar twee jonge bewoners met koffie en verhalen wachten. Over duurzaamheid, comfort en Tinder.

19 januari 2018

Snijdende wind, koude regen. Geen kip op straat, wel op de menukaart van Brasserie Grauwaart. Maar Frits Lely taalt deze middag niet naar Chicken Mexicana Salad. Aan zijn lunchtafeltje vertelt hij liever over Leidsche Rijn, dat groeit als kool. Tien procent van alle 342.000 Utrechters woont in dit westelijk stadsdeel. Volgens prognoses stijgt dat aantal de komende vijf jaar van 34.000 naar 44.000.

Een van de verwezenlijkte deelplannen is Grauwaart. Eind 2016 namen de eerste bewoners hun intrek. “Een aardige puzzel om hoge ambities met betaalbaarheid te verenigen”, zegt Frits, hoofd Marktontwikkeling bij Heijmans. Toch is dat gelukt. In opdracht van CBRE bouwde Heijmans 81 vrije-sector-huurwoningen, waarvan 71 volgens het Heijmans Huismerk-concept en tien beneden-bovenwoningen.

Aansprekend? Ja, Grauwaart knipoogt naar de negentiende-eeuwse singels van Utrecht. Hoge herenhuizen, statige lanen en knusse woonhofjes. Lely: “Met een huur onder de duizend euro per maand. Die haalbaarheid danken we aan het Heijmans Huismerk: duurzame eengezinswoningen die van buiten sterk verschillen en van binnen veel repetitie kennen.”

Dubbel feest: in Grauwaart leverde Heijmans de duizendste prefabwoning volgens haar landelijke concept op. In 2018 wil het bouwbedrijf nog eens duizend van zulke woningen realiseren.

Op pad

Afscheid van de tjokvolle brasserie, die monopolist in de wijk is. Niet lang meer, want naast CineMec – zeven filmzalen – verrijst een winkelcentrum voor vijftig retailers en vijftien food-zaken. We lopen naar de Pieter d’Hontlaan. Daar is het Heijmans Huismerk in volle glorie zichtbaar: huizen met een sterke differentiatie in gevels, hoogte, daken en steenkleur. Net als bij oude singelpanden verheffen de woningen zich dankzij bordessen en trapjes boven straatniveau. Achter de huizen liggen binnenterreinen die als parkeerplaats fungeren. Auto’s blijven uit het zicht.

Stil is het wel in Grauwaart, waar veel tweeverdieners pas ’s avonds huiswaarts keren. Toch eens aanbellen. Bij een hoekhuis op het Hildo Kroppad zijn de bewoners thuis – en ja hoor, binnenkomen mag. Een jaar geleden namen Juliet Faassen (31) en haar vriend Martin Fitzpatrick (37) uit Leeds hier hun intrek. Zij studeert geneeskunde, is co-assistent en wil huisarts worden. Hij werkt als zelfstandig computerprogrammeur aan huis. Dat zachte miauwen? Kat Otje. De vijf geschilderde vogels, ingelijst aan de muur, verroeren geen veer.

Martin en Juliet, met kat Otje.

Luxe

December 2016 betrokken Juliet en Martin hun splinternieuwe huis. “Fijn wonen”, zegt Juliet zonder aarzeling. “Veel comfort: mooie keuken en badkamer, dubbele beglazing, vloerverwarming. Met 118 vierkante meter is het zo ruim dat we van één kamer een inloopkast hebben gemaakt. Ik heb nu zelfs een eigen zitkamer.”

Op hun vorige adres – een klein arbeidershuisje in de Utrechtse binnenstad – ontbrak die luxe. De binnenplaats was drie bij twee meter; hun huidige tuin zo’n veertig vierkante meter. Toch bedroeg de maandelijkse huur twaalfhonderd euro. Nu nog geen duizend. Het illustreert een trend die zich vooralsnog aan regie onttrekt: de binnensteden raken onbetaalbaar; bewoners nemen de wijk naar een steeds aantrekkelijker wordende periferie.

Pakjes

Extra prettig is de lage energierekening van Juliet en Martin. Opmerkelijk, want al hebben ze oog voor duurzaamheid, toch houden ze hun binnentemperatuur bij voorkeur op 21˚ Celsius. Another guilty pleasure: Martin gaat bijna elke dag in bad.

Langs de Lijn Grauwaart Leidsche Rijn Martine Krekelaar minion 8.jpg

Een verklaring voor de meevallende energienota? Op alle daken in Grauwaart – en soms zelfs op de schuren – liggen zonnepanelen. Martin en Juliet en hebben er zes: “Omdat we zoveel elektriciteit terugleverden, betaalden we het afgelopen jaar maar veertig euro aan energiekosten.”

Aan sociale cohesie in hun straat ontbreekt het niet, vertellen ze. Bij de overburen drie eieren lenen? Geen probleem. Er is ook een buurtbarbecue en Facebookgroep. Wel een wonderlijke paradox: de online economie draagt bij aan het sociale verkeer in Grauwaart. Dat geldt in ieder geval voor Martin. Grijnzend: “Omdat ik een van de weinigen ben die hier overdag thuis is, weten de pakjesbezorgers me te vinden. Dat vind ik niet erg. Zo leer ik ook sneller mensen uit de buurt kennen.”

Langs de Lijn Grauwaart Leidsche Rijn Martine Krekelaar straat 16.jpg

Volgens Juliet heeft Leidsche Rijn nog wel een wiebelig imago. Als mensen horen waar ze woont, is de reactie vaak: ‘Hmmm.’ Onbekend maakt nu eenmaal onbemind. De groei van Leidsche Rijn zal dat ongetwijfeld veranderen: in 2030 is het met 57.000 inwoners zo groot als het huidige Roermond. Ook sociaal-economisch raken stad en regio met Leidsche Rijn vertrouwd. Het biedt zesennegentig banen per honderd bewoners – bron: WijkWijzer 2016, monitor voor tien Utrechtse wijken. Daarmee is Leidsche Rijn na de binnenstad en Oost het derde vliegwiel voor werkgelegenheid in Utrecht.

Match

Langs de Lijn Grauwaart Leidsche Rijn Martine Krekelaar 7.jpg

Al zijn Juliet en Martin zielsblij met hun huis, toch ligt hun wensenlijstje nog niet bij het oud papier. Ze hopen dat het winkelcentrum snel opengaat. Ook de groenvoorzieningen vinden ze nog ielig. Een kwestie van geduld, beseffen ze. Wel oogt Leidsche Rijn schoon en verzorgd. De staat van de openbare ruimte krijgt een 7,1 in de WijkWijzer. “Het voelt hier ook veilig”, merkt Juliet op. Het aantal geweldincidenten in Leidsche Rijn is het laagst van alle Utrechtse wijken.

Ook de relatief jonge populatie spreekt hen aan. Eén op de vijf bewoners is jonger dan twaalf jaar. Het aandeel 55-plussers in Leidsche Rijn bedraagt slechts twaalf procent. Disclaimer: hartenjagers kunnen hun heil beter elders zoeken. Juliet met glimlach: “Een vriendin van me zit op Tinder. Weet je hoeveel vrijgezellen er in Leidsche Rijn te vinden zijn? Twee!” Eén troost: verliefd worden op een wijk is ook wat waard. Van een match verzekerd, in Leidsche Rijn.