Er gebeurt hier echt iets nieuws met de collectiviteit die we toepassen.
Samenwerken, vooruitdenken en durven pionieren. Volgens Michel Groenendijk, senior projectmanager bij de gemeente IJsselstein, is dat precies wat nodig is om woningbouwprojecten vandaag de dag van de grond te krijgen. Zeker nu een energieaansluiting niet langer vanzelfsprekend is.
Bij gebiedsontwikkeling IJsseloevers komt die uitdaging concreet samen. Hier maakt een bestaand bedrijventerrein plaats voor een nieuwe woonwijk met 563 woningen. "Je kan het niet meer negeren.", zegt Michel over de impact van netcongestie op nieuwe ontwikkelingen. Daarom wordt al vanaf de eerste planvorming gezocht naar oplossingen die woningbouw mogelijk maken binnen de grenzen van het elektriciteitsnet.
Een complexe opgave met veel puzzelstukken
De complexiteit van IJsseloevers begint al bij de uitgangspositie. Anders dan bij een uitbreiding op onbebouwde grond gaat het hier om een bestaand metaalbedrijf dat wordt verplaatst. Dat brengt extra uitdagingen met zich mee.
Waar gebiedsontwikkeling vroeger vooral draait om ruimtelijke kwaliteit, woningen en infrastructuur, speelt energie tegenwoordig al vanaf de eerste plannen een hoofdrol. Voor Groenendijk is dat misschien wel de grootste verandering die hij de afgelopen jaren ziet. "Een energieaansluiting is niet meer vanzelfsprekend."
Netcongestie zorgt ervoor dat ontwikkelaars en gemeenten veel eerder moeten nadenken over de technische uitvoerbaarheid van een project. Dat vraagt om een andere manier van werken. "Vroeger werkten we plannen eerst uit en dachten we later na over de uitvoering. Nu gebeurt dat tegelijk, zodat je niet achteraf ontdekt dat iets niet kan."
Op zoek naar nieuwe oplossingen
Om woningbouw mogelijk te maken binnen de beschikbare netcapaciteit, onderzoeken we bij IJsseloevers hoe collectieve energiesystemen bijdragen aan een toekomstbestendige energievoorziening.
De gemeente vervult daarbij vooral een faciliterende rol. Heijmans nam juist vroeg het initiatief om samen met andere partijen naar mogelijkheden te zoeken. Michel waardeert die proactieve houding. "Heijmans heeft dit volledig zelf met de netbeheerder Stedin en de provincie Utrecht opgepakt om tot een haalbaar plan te komen."
Wat hem daarbij vooral opvalt, is de manier waarop naar het vraagstuk wordt gekeken. De focus ligt niet op wat niet kan, maar op wat wel mogelijk is. "Heijmans blijft niet aan de zijlijn staan, maar pakt het vraagstuk zelf op en komt met een plan."
Een belangrijk onderdeel daarvan is het ontwikkelen van collectieve oplossingen voor de grootste energievragers in de wijk. Juist die gezamenlijke aanpak maakt volgens Michel het verschil. "Met een collectief systeem is de energievraag veel beter te monitoren en te sturen." Daarmee biedt IJsseloevers volgens hem niet alleen perspectief voor de eigen ontwikkeling, maar ook waardevolle inzichten voor netbeheerders en andere woningbouwprojecten.
Trots op de samenwerking én de snelheid
Waar de technische oplossingen belangrijk zijn, zit voor Michel de grootste kracht van IJsseloevers in de samenwerking tussen alle betrokken partijen. Vanaf het begin werken gemeente, netbeheerder, ontwikkelaar en andere partners vanuit dezelfde ambitie. "We hebben allemaal hetzelfde doel: een mooie nieuwe buurt realiseren."
Ook het tempo waarin de ontwikkeling vorm krijgt, noemt hij bijzonder. In korte tijd is gewerkt aan de nota van uitgangspunten en de verdere planuitwerking. "Er ligt zo ontzettend veel in een relatief korte periode voor zo'n groot project."
Dat is volgens Michel allesbehalve vanzelfsprekend voor een gemeente die sinds enkele jaren weer actief betrokken is bij grotere gebiedsontwikkelingen. Trots is hij dan ook op de manier waarop de samenwerking verloopt. "Dat we de capaciteit binnen de gemeente op orde hebben, dat de samenwerking met Heijmans goed is en dat we echt behoorlijk snel stappen zetten in deze ontwikkeling is uniek."
Misschien is dat wel de belangrijkste les van IJsseloevers. Netcongestie hoeft woningbouw niet stil te leggen. Maar het vraagt wel om eerder samenwerken, vooruitdenken en gezamenlijk zoeken naar nieuwe oplossingen. Juist door die aanpak ontstaat ruimte om woningbouw ook in een veranderend energie landschap mogelijk te maken.