Hoe staat het met... Marinevliegkamp Valkenburg

Schoon schip maken

Na vier jaar slopen, saneren en opruimen is het voormalig Marinevliegkamp Valkenburg opgeleverd aan het Rijksvastgoedbedrijf. Projectmanager Guido Bosman vertelt hoe we het merendeel van de vrijgekomen materialen hebben hergebruikt.  

15 april 2019

Vliegkamp Valkenburg was jarenlang de thuisbasis voor vliegtuigen en helikopters van de marineluchtvaartdienst. Ook de koninklijke familie maakte gebruik van het militaire vliegveld dat in 2006 definitief is gesloten. Het Rijksvastgoedbedrijf ontwikkelt het terrein nu tot een woon- en werklocatie. De vijfduizend woningen die er komen, staan in gevarieerde woonomgevingen.

“Het was onze taak om de voormalige start- en landingsbanen op te ruimen, en de overige infrastructuur en gebouwen”, vertelt Guido Bosman. “We hebben grootschalige saneringen voorbereid en uitgevoerd. Ook zijn alle kabels en leidingen gerooid, en legden we een bouwweg en watergangen aan.”

Snoepwinkel

Tijdens het ‘opruimen’ is het terrein ontdaan van niet-gesprongen explosieven uit de Tweede Wereldoorlog. “Valkenburg was en is nog steeds een snoepwinkel voor archeologen. We kwamen echt van alles tegen, zoals loopgraven, wapens, onderdelen van een militair vliegtuig, botresten en munitie. Het archeologisch onderzoek leverde ook vondsten op uit de Romeinse tijd. Op dit moment halen ze nog steeds voorwerpen uit de grond.”

Infographic Valkenburg_klein.jpg

Golfbrekers en ophoogmateriaal

Guido en zijn team hebben van alles weggehaald en keken, net als bij andere bodemsaneringsprojecten, wat er kon worden hergebruikt. Het resultaat is indrukwekkend. Ruim 120.000 ton betongranulaat is verwerkt in de nabijgelegen Rijnlandroute. De overige 20.000 ton zijn bij diverse Heijmans projecten hergebruikt. Ongeveer 100.000 ton asfalt is teruggeleverd aan asfaltcentrales, die het zullen gebruiken als grondstof voor nieuwe asfaltmengsels. En in totaal is er 20.000 ton silex oftewel natuursteen gezeefd in verschillende groottes. “Het zeven van silex hadden we nog niet eerder gedaan”, aldus Guido. “Grove stukken zijn gebruikt als golfbrekers in een dijk. Middelgrote stukken werken goed als drainage in wegen en de kleinste stukken zijn gemengd tot bomengranulaat.”

Dat is nog niet alles. Het puin van de gesloopte gebouwen is tot menggranulaat vermalen. Het Rijksvastgoedbedrijf gebruikt dit in de toekomst als materiaal voor de ontwikkeling van bouwwegen en ophogingen van het bouwterrein. Vrijgekomen EPS-piepschuimblokken kregen een nieuw leven als ophoogmateriaal van bijvoorbeeld wegen, en nog bruikbare rioolbuizen zijn aangewend als duikers/overkluizingen bij het aanleggen van tijdelijke bouwwegen op andere projecten.

Soldaat van Oranje

Niet alles is gesloopt. “Zo zetelt in het voormalige vip-gebouw een kantoor van het Rijksvastgoedbedrijf”, wijst Guido. “Meerdere oude hangars kregen een nieuwe bestemming. Een ervan is omgebouwd tot theater, waar de bekende musical Soldaat van Oranje wordt opgevoerd. En de politie gebruikt een deel van de voormalige vliegtuig-opstelplaatsen en taxibanen voor slipcursussen en rijtrainingen.”

Circulaire transitie

Afval een nieuw leven geven, dat is toch hartstikke circulair? “Vijf jaar geleden was die term niet zo hot als nu”, stelt Guido. “We noemden het gewoon recyclen. En het maakt onze business case rond als we bij dit soort projecten de vrijgekomen materialen verkopen. Dat is standaard.”

Dat betekent niet dat Guido niet verder wil gaan. “De transitie naar circulair bouwen staat aan het begin. Om die transitie te versnellen, moeten we anders gaan denken.” Volgens Guido kan dat als bouwbedrijven meteen bij de start van een project nadenken over circulariteit. “Het zou geweldig zijn als je in de ontwerpfase bedenkt hoe je bepaalde grondstoffen of objecten in toekomst kan hergebruiken. Zet eerst eens de duurzame bril op en kijk daarna of een project financieel haalbaar is.”

“Dat kosten en baten van circulair bouwen nog niet met elkaar in evenwicht zijn is logisch. De meerkosten betalen zich over de levensduur van een brug, viaduct of gebouw terug”, denkt Guido. “Omdat de tussenliggende periode zo lang is, is de onzekerheid nu te groot om de baten nu al hard zichtbaar te krijgen.”

Legostenen

Er wordt in Nederland al voorzichtig geëxperimenteerd met circulaire bouwwerken. Guido noemt als mooi voorbeeld een circulair viaduct in Kampen, in opdracht van Rijkswaterstaat. “De praktijk is dat een betonnen viaduct na bijvoorbeeld veertig of vijftig jaar wordt gesloopt. Kost energie, tijd en dus geld. Het circulaire viaduct haal je als Lego uit elkaar en bouw je ergens anders weer op. Slopen is niet nodig. Goed voor de portemonnee én het milieu. Deze ‘Lego’-techniek kun je ook toepassen op een weg of een fietspad.”

rkp-h-guido-bosman-valkenburg-5704.jpg

Wie is aan zet? Guido wijst naar directies van grote bouwbedrijven en de overheid. “Zij bepalen samen hoe snel de transitie naar een circulaire economie zal verlopen. De overheid kan opdrachten circulair uitvragen en wet- en regelgeving invoeren of versoepelen. Bouwbedrijven moeten durven te investeren in circulaire bouwtechnieken. Zo creëer je draagvlak, want alleen dan maken we een kans om 2050 volledig circulair te bouwen.”

Bouwen op het verleden in Rotterdam
Bouwen op het verleden in Rotterdam
Bouwen op het verleden in Rotterdam