Vijf vragen aan Cecile Mathijsen

Alles in één model

Hartje Zaandam is de bouw van de nieuwe Wilhelminasluis in volle gang. In de keet van Heijmans even verderop beheert BIM-coördinator Cecile Mathijsen de digitale variant van dit kunstwerk. “Collega's worden vrolijk van zo’n model.” 

17 juni 2019

Waar gebruik je zo’n digitaal 3D-model voor?

“Voor heel veel dingen! Het geeft ons vooral een compleet inzicht in de situatie qua tijd en ruimte tijdens de bouw. Kijk, met kleuren geven we aan welke partij welke onderdelen bouwt. Zo kunnen we goed zien of we elkaar niet in de weg gaan zitten, of bepaalde werkzaamheden wel of niet tegelijkertijd kunnen plaatsvinden. Maar ook om te zien of het ontwerp wel goed in elkaar past, of er geen ‘clashes’ zijn. De sluisdeuren moeten wel open kunnen zonder iets te raken.”

20190523_heijmans_cecilemathijsen_zaandam_a0a2496_mkrekelaar.jpg

Cecile Mathijsen toont in de keet van de Wilhelminasluis van Zaandam de digitale tweeling van het bouwwerk.

“Hier op de Wilhelminasluis hebben we het model ook gebruikt om te bepalen waar camera’s moeten komen en hoe die gericht zijn. Vaak is een 3D-model nuttig om een opdrachtgever inzicht te geven in wat er gebouwd gaat worden. Dan is het meer een communicatiemiddel. Heel soms maken we er een VR-rondleiding van. Maar het belangrijkst is dat we met behulp van het model risico’s bepalen en een planning maken. Dan voegen we de factor tijd toe en wordt het een 4D-model.”

Een 4D-model? Hoe werkt dat?

"We krijgen een planning vanuit onze planningssoftware waarin de activiteiten met data staan. In een 4D-model zie je in één oogopslag wat wanneer wordt gebouwd en door wie. Je ziet het gebouw digitaal groeien en kunt precies zien of dat allemaal gaat werken.

Als we met drie partijen tegelijkertijd in de basculekelder bouwen, wat een hele kleine ruimte is, is dat niet handig. In een Excel-lijst zie je dat niet meteen, in het 4D-model wel. Dan passen we de planning aan. We hebben hier trouwens ook een 3D-geprinte maquette staan. Dat blijft ook een fijne manier om dingen af te stemmen en te laten zien wat we bouwen.”

20190523_heijmans_cecilemathijsen_zaandam_a0a2563_mkrekelaar.jpg

Cecile bij de 3D-geprinte maquette van de Wilhelminasluis.

En dan is er nog een 'digital twin'?

“Een digital twin is letterlijk het digitale tweelingbroertje van een bouwwerk, een veel completere versie dan een 3D-model. We bouwen in de computer het 3D-model en vervolgens voegen we daar allerlei informatie aan toe. Denk aan inspectierapporten, leeftijd van onderdelen, wanneer onderhoud plaats moet vinden, storingen, bouwtekeningen en revisies. De digitale tweeling groeit mee en is pas af als het fysieke bouwwerk ook klaar is.”

Waarom is dat handig?

“Vooral voor beheer en onderhoud. Dat kun je ook op papier doen, maar asset-informatie op papier is vaak al snel achterhaald. Met een digital twin heb je altijd actuele informatie over het gebouw en ontvang je alerts als er iets moet gebeuren. We maken niet van elk bouwwerk een digitale tweeling hoor. Het heeft vooral zin bij grote civiele werken zoals een sluis, of als er issues zijn met bereikbaarheid en veiligheid.

20190523_heijmans_cecilemathijsen_zaandam_a0a2535_mkrekelaar.jpg

“Op Schiphol geldt dit voor de baanstations, de energievoorziening van de verlichtingssystemen bij de landingsbanen. Daar kom je niet zomaar bij om even iets te controleren. Daarom worden die digitaal beheerd via een digital twin. De Prinses Beatrixsluis in Nieuwegein heeft ook een digitale tweelingbroer. Daar hebben we zelfs het bedieningspaneel van de sluisdeur virtueel nagebouwd om mee te oefenen en af te stemmen met de sluiswachter.”

Iedereen is vast heel enthousiast over digitaal bouwen?

“Ja, mensen worden vrolijk van zo’n model. Maar het is nieuw, en de oude manier werkt voor veel collega’s ook nog steeds. Dus ik blijf met goede argumenten uitleggen waarom dit ons verder helpt. Waar projectteams echt blij van worden is dat dit model integraal is. Je ziet alle onderdelen van het bouwwerk in één model in plaats van op tien verschillende bouwtekeningen. Daardoor zie je risico’s en knelpunten meteen en kun je je planning direct aanpassen. Steeds meer collega’s zien het nut.”

20190523_heijmans_cecilemathijsen_zaandam_a0a2630_mkrekelaar.jpg

“Wel wordt het nu tijd om te standaardiseren. De ontwerpende partijen moeten al in de tenderfase goed met elkaar afspreken welke informatie wordt aangeleverd en hoe. Zo kun je later direct de koppeling maken met je asset-informatie. En dan in alle projecten op dezelfde manier. Utiliteit is hier al ver mee en bij Infra zijn we er ook mee bezig. Daarna kan digitaal bouwen echt gaan vliegen en kunnen we van veel meer projecten een digital twin gaan maken.”