Vijf vragen aan Sylvia Pijnenborg

Zie erfgoed als lust in plaats van last

Een klooster, kerk, silo, schoorsteen of brugwachtershuisje: monumenten geven kleur aan onze omgeving en we willen ze niet kwijt. Toch is het lastig en kostbaar om ze een nieuwe functie te geven. Hoe verbinden we erfgoed met hedendaagse wensen? En wat is daar voor nodig? We vragen het Sylvia Pijnenborg, adjunct-directeur van erfgoedorganisatie BOEI.  

7 september 2017

Monumenten zijn altijd geliefd toch?

“In de Randstad is het industrieel erfgoed niet aan te slepen, bij wijze van spreken. Iedereen wil een fabriek. Dat de woningmarkt gloeiend heet is, is voor monumenten in grote steden een geluk. Dat was wel eens anders. Zo is de Cereolfabriek hier, onderdeel van de gebiedsontwikkeling Meyster's Buiten, ook pas later op waarde geschat.

Projectontwikkelaars zijn een nieuwe groep monumentenliefhebbers, want vaak zien zij erfgoed als trekker voor een gebiedsontwikkeling. De aantrekkende economie helpt natuurlijk mee. Ons plan voor de herbestemming van een klooster waar vijf jaar lang niemand iets in zag, wordt nu eindelijk opgepakt.

Maar marktpartijen pikken ook de krenten uit de pap. Niet alles is geschikt. En buiten de grote steden is er een heel andere vraag: daar willen mensen in een rijtjeshuis met tuin wonen, niet in een fabrieksloft. De leegstand van boerderijen overtreft straks die van kantoren. En het aantal lege kerken groeit gigantisch.”

Wat doen jullie daaraan?

“Onze missie is het behouden van erfgoed. Niet alleen de stenen, maar vooral de verhalen. Wie woonden er vroeger, waar is het voor gebruikt, wat betekent het voor de buurt? Streng restaureren, van die school zijn we niet. Wel van ‘behoud door gebruik en herbestemming’. Een andere functie vraagt soms om veranderingen. Wij vinden ook dat sporen uit het verleden zichtbaar moeten blijven: van oude machines tot graffiti uit een latere periode. BOEI zoekt partners, financiers, nieuwe gebruikers en maakt plannen voor behoud of herontwikkeling.

We hebben een lange adem. Soms zijn we jaren bezig met een monument en het is onze eer te na om het op te geven. Wij zeggen nooit: ‘Het lukt niet’. Maar: ‘Het lukt nóg niet’. Soms keert het tij: pas toen krakers en kunstenaars lege fabrieken in gebruik namen, zagen andere partijen de meerwaarde ervan.

Erfgoed Sylvia Pijnenborg BOEI 4.jpeg

Sylvia Pijnenborg in de bibliotheek, die sinds 2014 is gevestigd in de Utrechtse Cereolfabriek, onderdeel van de gebiedsontwikkeling Meyster's Buiten.

Dat kan ook met kerken gebeuren. Niemand gaat er meer naartoe, maar de gebouwen moeten blijven staan. Het zijn bakens in de buurt. Maar niemand wil voor het onderhoud betalen. Tot straks de ramen worden ingegooid, het dak lekt en iemand die gratis ruimte zoekt de deur intrapt. Dan komen mensen in beweging. Geen fijn vooruitzicht en jammer dat het eerst zover moet komen, maar het is nu simpelweg nog niet urgent genoeg.”

Wat zou herbestemming gemakkelijker maken?

“Gemeentes moeten vooraf beter meedenken met initiatiefnemers en de procedures vergemakkelijken. Ze zien vaak alleen problemen. Vooral particulieren die het aandurven een monument te herbestemmen, worden geconfronteerd met kostbare planvorming en een onzekere uitkomst. Veel te risicovol dus. Daarbij zijn er in de crisis veel erfgoedambtenaren ontslagen, dus is er kennis verdwenen.

Wel zijn overheden zich ervan bewust dat leefbaarheid en toerisme gebaat zijn bij het behoud van erfgoed. Alleen vraagt het om meer inventiviteit en flexibiliteit. Werken met erfgoed is anders dan bouwen op een maagdelijk stukje grond, waar je een boodschappenlijst van je wensen kan maken. Het is de truc om de kwaliteit van het monument te benoemen en die intact te houden in een herontwikkelingsplan.”

Wat kan een bouwer als Heijmans doen om te helpen?

“Restauratie-ervaring in huis houden en flexibel zijn bij het meedenken over bijvoorbeeld constructies, fundering en asbestverwijdering. We zoeken partners met tijd, kennis, kunde en bereidheid een goed plan te bedenken. De wil om er iets moois van te maken. Kennis is enorm belangrijk, want veel restauratiebedrijven zijn in de crisis failliet gegaan. Leid dus ook de restauratie-experts van de toekomst op, want veel nieuwe aanwas is er niet.”

Erfgoed Sylvia Pijnenborg BOEI 3.jpeg

Een bord bij de ingang verhaalt over de geschiedenis van het rijksmonument: vroeger was dit de Coöperatieve Stichtsche Olie- en Lijnkoekenfabriek.

Bij wie ligt de bal?

“Ik zou wel meer enthousiasme vanuit de markt willen zien. Door alle lagen van de maatschappij heen bekommeren mensen zich om monumenten. Er zijn ongelooflijk veel historische verenigingen, heemkringen en erfgoedclubs. Draagvlak voor behoud is erg groot.
Toch wordt het door ontwikkelaars en bouwers vaak als last gezien, niet als lust. Dat moet anders. Als je erfgoed niet op gebouwniveau, maar op gebiedsniveau bekijkt, biedt het enorm veel kansen. Zoals nu gebeurt met het Hembrugterrein in Zaandam: omdat je tussen de monumenten kan wonen, is het enorm aantrekkelijk. Erfgoed kan plekken maken of breken.”