Vijf vragen aan Patrick Mensink

Vóór de ochtendspits veilig thuis

Het Nederlandse wegennet behoort tot de top van de wereld. Voor iedere weggebruiker is het vanzelfsprekend dat zij gebruik kunnen maken van de weg met zo min mogelijk wegwerkzaamheden. Want dát zijn vaak de oorzaken van kilometers file. Toch wordt er dag en nacht keihard gewerkt om zo min mogelijk overlast te veroorzaken. Patrick Mensink, machinist van de asfaltploegen binnen Heijmans, doet zijn verhaal. 

25 maart 2015

Je werkt in een asfaltploeg. Hoe gaat dat in z’n werk?

We werken iedere dag met acht man sterk aan de weg. Altijd in ploegen, nooit alleen. Iedere ploeg bestaat uit een machinist en balkman voor de spreidmachine, twee walsmachinisten, twee afwerkers, een uitvoerder en de machinist van de spuitveegwagen. Gezamenlijk brengen wij iedere dag maximaal twee lagen asfalt aan. Dit heeft te maken met de kwaliteit, zodra we meer lagen plaatsen op één dag blijft de warmte in het asfalt hangen en gaat het asfalt schuiven.

We kunnen het werk ook niet altijd direct uitvoeren. We zijn afhankelijk van verschillende factoren, waaronder het weer. Het mag niet te koud zijn. Hierdoor werken we in de wintermaanden meer overdag dan ‘s nachts. Daarnaast moet de ploeg van de afzettingen eerst zijn werk hebben gedaan. Zodra de weg is afgezet, wordt de weg gereinigd door de wegdekreiniger. Als zij klaar zijn, starten wij pas met ons werk. 

20150312_heijmans_wegwerker_R9B5826.jpg

Patrick Mensink zorgt met zijn team dat het Nederlandse wegennet tot de wereldtop blijft behoren.

Wat zijn jullie werkzaamheden?

Asfalt bestaat eigenlijk altijd uit drie lagen: de onderlaag, de tussenlaag en de deklaag. Afhankelijk van het soort asfalt heb je soms meerdere tussenlagen. Iedere laag wordt op dezelfde manier door ons aangebracht.

Zodra het asfalt wordt gestort is het heet en wordt het verspreid door de spreidmachine. Hierbij geeft de balkman aanwijzingen aan de machinist en controleert hij de dikte van het asfalt. Zodra het asfalt is gestort, kom ik met mijn spuitveegwagen en breng ik de bituumlaag aan. Dit materiaal zorgt ervoor dat het asfalt goed hecht aan de asfaltlaag. Nadat de laag is aangebracht moet het uitdampen en verkleurt de laag van bruin naar zwart. De twee walsmachinisten zorgen vervolgens voor de verdichting en verkoeling van het asfalt. Het asfalt mag niet te heet worden zodat het kan blijven plakken aan bijvoorbeeld een machine, daarnaast mag het ook niet te dik zijn.

De dikte van het asfalt wordt bepaald door het type asfalt. Zo heeft ZOAB een mindere mate van dichtheid nodig dan Dicht Asfaltbeton (DAB). Per type is een bepaalde dichtheid vastgesteld waar wij aan moeten voldoen. Uiteindelijk is het aan de afwerkers om de puntjes op de ‘i’ te zetten. Zij zorgen er handmatig voor dat de laatste kleine oneffenheden in het asfalt worden weggewerkt. Onze uitvoerder controleert of het er uiteindelijk strak bij ligt. 

Zeer Open Asfaltbeton (ZOAB), informeel ook wel fluisterasfalt genoemd, is een wegverharding met een hoog percentage holle ruimte (circa 20%). Dit type wegverharding voorkomt het opspatten van water en reduceert het geluid ten opzichte van een verharding als Dicht Asfaltbeton (DAB). ZOAB heeft ook nadelen, zo vermindert de geluidsreducerende werking na verloop van tijd.

Werk aan de weg
Werk aan de weg
Werk aan de weg De dans van het ZOAB

Jullie werken midden op de snelweg, maakt dat het werk niet complex?

Met de wetenschap dat er jaarlijks zo’n 10 wegwerkers omkomen tijdens wegwerkzaamheden staat veiligheid bij ons voorop. Dat moet ook wel, aangezien we langs de kant van de weg aan het werk zijn. Vandaar ook de wegafzettingen, waarschuwingsborden en de verlaagde maximumsnelheid (70 km/u in plaats van 120 km/u). Alleen helpen deze maatregelen niet altijd. Het is me één keer overkomen dat een automobilist bij mij naar binnen vloog. Dikke pech maar ik kan het gelukkig wel navertellen.

Iedere keer weer ben ik opgelucht als ik na een werkdag weer heelhuids thuis aan tafel zit

In ons werk ben je nou eenmaal altijd afhankelijk van derden. Oplettendheid is voor ons inmiddels een ‘way of life’. We weten ermee om te gaan en zijn in ons werk extra alert. Naast onze opvallende kleding, werken we in bepaalde ‘zones’ die zijn afgezet met pionnen. We mogen niet binnen een straal van 1,20 meter onze werkzaamheden vanaf de pionnen verrichten. Als we zien dat een ander deze zone betreedt, spreken wij hem er direct op aan. Iedere keer weer ben ik opgelucht als ik na een werkdag weer heelhuids thuis aan tafel zit. 

20150312_heijmans_wegwerker_R9B5594-crop.jpg

Wat is het grootste verschil tussen dag- en nachtwerk?

Overdag heb je te maken met rustiger rijverkeer. Het verkeer ziet duidelijk dat er aan de weg wordt gewerkt en houdt er meer rekening mee. Ondanks het slechtere zicht, wordt er ’s nachts wel veel harder gereden omdat er veel minder verkeer op de weg is. Voor sommigen is de nacht hét moment om het gaspedaal eens stevig in te drukken.

En de meeste onderhoudswerkzaamheden voeren we nou juist ’s nachts uit om de overlast zo beperkt mogelijk te houden. Je start in de avond rond een uur of 8 en moet voor de ochtendspits weer klaar zijn; meestal rond 5 of 6 uur in de ochtend. We werken dus altijd onder tijdsdruk. Voor ons niet spannend, we zijn het gewend. Het is aanpoten, maar als ploeg zijn we op elkaar ingespeeld; we weten wanneer het tijd is om te knallen. Als het verkeer weer drukker wordt, zijn wij alweer zonder sporen verdwenen. Als sneeuw voor de zon. Niemand die nog ziet dat wij in de nacht aan het werk zijn geweest. 

Vind je het jammer dat je werk grotendeels onzichtbaar is?

Voor mezelf is dit niet het belangrijkste. En je ziet het werk juist altijd. Alleen heeft niemand het in de gaten omdat het zo vanzelfsprekend is. Zolang het maar strak én mooi gelegd is. Niemand vindt het fijn, om met zijn hoofd tegen het dak van zijn auto aan te knallen door een bobbel in de weg.

En eigenlijk ben ik gewoon heel trots op mijn werk. Zeker als het gaat om werken waar niet alles ‘rechttoe, rechtaan’ is. Zo ben ik 18 maanden aan het werk geweest voor Knooppunt Deil en hebben we rotondes, fietspaden, t-splitsingen en verschillende kruisingen aangelegd. Een groot werk met veel variatie. Ook de A12 Veenendaal-Ede-Grijsoord is zo’n werk. Hier zitten een aantal kunstwerken tussen die we gaan asfalteren. In principe komen we door het hele land en zijn we altijd onderweg. Ik zie onszelf ook meer als de zigeuners van de bouw, met passie voor de weg.