Vijf vragen aan Daan Zandbelt

Meer fietsen, minder rijwielen

Dat een gezond vervoermiddel als de fiets zo populair is, juicht Rijksadviseur Daan Zandbelt toe. Hij ziet kansen om nog meer mensen op de fiets te laten stappen, maar wil ook voorkomen dat de fiets de nieuwe auto wordt. Hoe zorgen we ervoor dat het prettig fietsen blijft in onze grote steden? 

21 september 2018

Hoe gaat het met de fiets?

Goed! In de grote steden verliest de auto terrein. Waar ‘ie een aantal decennia terug zo’n prominente plaats in de binnensteden kreeg, zie je dat gemeentes nu werken aan ruimte voor de fiets. Bijvoorbeeld de Coolsingel in Rotterdam of de Croeselaan in Utrecht: ze worden opnieuw ingericht met bredere fietspaden en meer ruimte om te flaneren.

Daan Zandbelt_Rijksadviseur fiets 1.jpg

Rijksadviseur Daan Zandbelt in het Ministerie van Financiën in Den Haag.

De voordelen zijn duidelijk: meer frisse lucht in je stad, sociale veiligheid en een betere verblijfskwaliteit. Daarom is de fiets ook terug in het rijksbeleid, in het streven naar duurzame mobiliteit.

Waar eerst de neiging bestond ruimte voor de fiets aan provincies en gemeenten zelf over te laten, zorgde mijn voorganger Rients Dijkstra voor een comeback, met de notitie Nederland Fietsland. Nu ben ik binnen het College van Rijksadviseurs (CRaverantwoordelijk voor verstedelijking en mobiliteit, dus aan de uitvoering van Nederland Fietsland wil ik me graag verbinden. Want als we dat ruimtelijk goed faciliteren, zouden er meer mensen op de fiets kunnen stappen.”

Het College van Rijksadviseurs is een onafhankelijk adviescollege dat het kabinet gevraagd en ongevraagd, integraal en vanuit een ontwerpende achtergrond adviseert over nationale ruimtelijke inrichtingsvraagstukken. Urgente ruimtelijke thema’s, zoals leegstand en transformatie, mobiliteit en de energietransitie komen aan bod. De Rijksbouwmeester is voorzitter van het CRa en het huidige College bestaat behalve Floris Alkemade uit Berno Strootman en Daan Zandbelt. 

Lees de overheidsnotitie Nederland Fietsland

Wat is er nodig, welke uitdagingen zie je?

De schaalsprong van de fiets heeft grote steden overdonderd. Amsterdam, Den Haag, Rotterdam en Utrecht worstelen met groeiende aantallen fietsers, rondslingerende rijwielen en gevaarlijke situaties. En hoe bouw je een fietsvriendelijke woonwijk? Dit is geen klein bier. Doen we niets, dan wordt de fiets de nieuwe auto. Sturing en beleid is nodig.

Zo stimuleert betere fietsinfrastructuur het gebruik van openbaar vervoer, alleen hebben we een stallingsprobleem: elke nieuwe stalling staat meteen vol. Ze hebben een aanzuigende werking, dus daar moeten we iets op verzinnen.

Drukte op de fietspaden in Rotterdam.

Voor de fietsfiles: hoe beïnvloed je mensen om een andere route te nemen, hoe spreid je de fiets? En wat betreft de nieuwe woningbehoefte: Nederlanders hebben tegenwoordig meer dan een fiets per persoon. Als we huizen bouwen in Amsterdam, waar laten we dan de fietsen die bij die bewoners horen?

Welke oplossingen zie jij?

Mixen van functies, niet scheiden. Van dat modernistische ideaal moeten we af. Eén functie dominant maken is volgens mij nooit goed. Die rode fietspaden zeggen: hier móet je fietsen! Achterhaald als je het mij vraagt. Wat als er straks meer voetgangers die route gebruiken? Ook om een andere reden ben ik geen fan van fietssnelwegen: ze liggen vaak langs spoorlijnen, kanalen of autowegen. In een lange, rechte lijn fietsen is toch hartstikke saai?

Daan Zandbelt_Rijksadviseur fiets 4.jpg

Kijk voor de toekomst naar dubbel gebruik: shared spaces, waar allerlei mobiliteitsvormen door elkaar de ruimte gebruiken, waar je verschillende snelheden bij elkaar brengt. Zoals bij de stations in Amsterdam en Utrecht. En voor binnenstedelijke woonwijken zag ik in Kopenhagen een goed voorbeeld: een wijk met één parkeergarage en een fietsenstalling erin. De bewoners gebruikten de auto slechts een of twee keer per week, dus die fietsten er dan naartoeDoor parkeren op één plek te concentreren, kan het compact en kun je de garage ook nog transformeren tot iets anders, op het moment dat autogebruik nog verder afneemt.

Kopenhagen: de beste fietsstad ter wereld

Mijn toekomstdroom? Meer fietsen, minder rijwielen. Ik zie veel kansen in deelfietsen: die hoef je niet alleen te gebruiken als forens, tussen stations en je werkplek. Ze zijn ook voor andere ritten handig. Je opent en sluit het slot met een app op je telefoon en via 'geofencing' wordt de actieradius bepaald. Nu kies je je route vaak doordat je je fiets op een plek moet ophalen, dat hoeft met een deelfiets niet. Deelfietsen lokken nieuw gedrag uit, waar we op in kunnen spelen.”

Hoe werk jij aan oplossingen?

We zetten ontwerpkracht in! Voor Amsterdam, Den Haag, Rotterdam en Utrecht zijn bureaus geselecteerd die ontwerpend onderzoek uitvoeren rondom deelfietsen, fietsvriendelijke woonwijken en verbeterde verbindingen met het landschap en omliggende steden. En in Utrecht bekijken we welke ruimtelijke ingrepen bepaalde routekeuzes en fietsgedrag kunnen beïnvloeden. 

We toetsen bestaande kennis en zullen nieuwe kennis opdoen. De onderzoeken zijn begin 2019 afgerond. Ik hoop dat de bureaus dingen laten zien waar niet alleen de grote steden, maar ook andere plekken zoals Maastricht of Zwolle iets mee kunnen.”

Chantal Defesche van PosadMaxwan, het bureau dat het ontwerpend onderzoek in Utrecht zal uitvoeren: “Belangrijke fietsroutes in Utrecht, zoals die van het zuid-westen naar de binnenstad, worden steeds drukker. De oorzaak is bijvoorbeeld de groeiende populariteit van wijken als Hoograven. Ons onderzoek heeft als vraag hoe we de drukte kunnen spreiden, bijvoorbeeld door fietsers te verleiden andere routes te kiezen. Is de stad zo in te richten dat meerdere routes plezierig en snel zijn? Welke rol speelt beleving daarbij? Het is bekend dat een aantrekkelijke route korter aanvoelt. Zijn piekmomenten op bestaande routes ook te spreiden door ander gedrag te stimuleren? We ontwerpen voorstellen die ingrijpen op capaciteit, ruimtelijke kwaliteit en/of gedrag en denken begin 2019 met prikkelende nieuwe ideeën te komen.”

Wat verwacht je van Heijmans en de bouwsector?

“Meedenken met gebruikers als het gaat om comfort en gebruiksvriendelijkheid: werk aan klinkers die prettig wandelen én fietsen. Kom met techniek of producten die uitgaan van een integrale blik op infrastructuur en werk met verschillende partijen samen. Weet van elkaar wat je nodig hebt. Dus vergeet niet bij het zoeken naar oplossingen daadwerkelijk met de gebruikers om tafel te zitten en hen invloed te geven. Zet meer in op het verbeteren van de verblijfskwaliteit in plaats van bereikbaarheid. Mobiliteit is geen doel, maar een middel.