Langs de lijn bij Het Funen

Het Funen fonkelt nog steeds

Op verkenning in Amsterdams woonparadijs

4 augustus 2017

Tussen de appartementenblokken van Het Funen in Amsterdam hippen talloze eksters rond. Acht jaar na oplevering fonkelt het woonpark nog steeds. Op verkenning met ontwikkelingsmanager Menno Molenaar: “Beauty intimidates.”

Tot eind vorige eeuw vormde het voormalig overslagterrein van Van Gend & Loos in Amsterdam een rafelig niemandsland. Precieze ligging: op de Oostelijke Eilanden, in de lange bocht van de spoorlijn Amsterdam-Utrecht. In opdracht van Heijmans tekende Frits van Dongen – de latere Rijksbouwmeester – het stedenbouwkundig ontwerp plus het appartementengebouw aan het spoor.

Met zijn 305 woningen fungeert deze blikvanger als akoestisch en visueel schild voor het woonpark dat erachter ligt. In dit groen staan zestien losse appartementenblokken met in totaal 246 woningen. Geen hit-and-run-architecture, maar doordachte klasse. Tot de architecten behoren Geurst & Schulze, Dick van Gameren en NL Architects. Zeventig procent is koop, dertig procent sociale huur.

Oogje in het zeil

“Het stelt me niet teleur”, zegt Menno Molenaar opgewekt. Van 2003 tot de oplevering in 2009 was hij voor Heijmans bij de ontwikkeling van Het Funen betrokken. Nu bezoekt hij het gebied opnieuw. Hij wijst naar de witte kolommen van enkele appartementenblokken. “Nergens graffiti. Geen zwerfvuil. Schoon. Verklaring? De bewoners voelen zelf verantwoordelijkheid voor hun leefomgeving.”

Letterlijk en figuurlijk is Het Funen ook een open gebied. Camera’s, rolluiken en verbodsborden ontbreken. Niet nodig, weet Menno van de bewoners: “Ze houden zelf een oogje in het zeil. Dat kan ook. In tegenstelling tot veel naoorlogse stedenbouw heeft Het Funen amper blinde zijden.”

img_0874.jpg

Toch is het geen 'gated community'. Integendeel: veel bewoners van de aangrenzende Czaar Peterbuurt maken gebruik van het groen, de speeltuin en het sportveld in Het Funen. Zorgvuldig ontworpen paden ontsluiten het woonpark, dat geen gemotoriseerd verkeer kent. De vele oude bomen staan er fier bij. Hun wortelpakketten hoeven niet te ruziën met de ondergrondse parkeergarage. Die is weloverwogen net buiten het groen gelegd.

Fietsenbox

img_1027.jpg

Een bewoner met boodschappenkarretje en stok nadert. Of Henk Brandt zich thuisvoelt in Het Funen? De 79-jarige oud-chemicus prijst de veelzijdigheid: jong, oud, koop, huur in combinatie met groen en veel licht. Vandaag heeft hij zijn fietsenbox opgeruimd. Bij de ondergrondse vuilcontainer op de Keerwal – buiten de groenzone – heeft hij sneeuwkettingen, een router en een computer neergezet. Voor wie wil, mankeert niks aan. Een uur later is alles weg. Er ligt nog enkel een tweepersoonsmatras, waarvan de kuiligheid hartstocht doet vermoeden.

Nuchtere waarneming: Het Funen telt veel kinderen. Links is een hut van tafelkleden in wording; verderop zit de zevenjarige Sam met zijn oppas een potje te jokeren in het gras; twee vrienden oefenen hun evenwicht op een klimmuurtje.

Grootste les

“Hoe je gezinnen in de stad kunt houden, is de grootste les die Het Funen ons heeft geleerd”, zegt Menno. Dat zij de leefbaarheid versterken, staat voor hem buiten kijf. “Kinderen zorgen voor sociale verbinding tussen bewoners, maar ook voor beter beheer van de openbare ruimte. Tussen troep en glas laat je je kind niet graag spelen.”

Het kan ook te gezellig worden, erkent hij. In het begin waren er veel diefstallen, omdat mensen hun deuren open lieten staan. Zij beschouwden het woonpark als semi-openbaar of – nog sterker – als extensie van hun woning. “Er was enige gemeentelijke regie nodig, om de wildgroei van barbecuesets en tuinmeubilair te beteugelen”, vertelt Menno. "Wel hebben de bewoners het vruchtgebruik van een brede strook met vlonderplanken rond hun appartementen.” Er staan stoelen, parasols en kuipen met boompjes.

img_0803.jpg

Bij een van de drie appartementenblokken voor sociale huur staat de veertienjarige Soufyan. Vier jaar geleden is zijn familie van de Dapperbuurt naar hier verhuisd. Een goede keus, zegt 'ie. Vooral spelen zonder auto’s om je heen is fijn.

Op een grasveld picknicken de 43-jarige Olivia en haar vriendin Claire, Françaises. In 2007 kochten Olivia en haar vriend een appartement in Het Funen. “Wie luv iet”, zegt ze in croissantjes-Engels. Olivia is zelfstandig lerares Frans. Hoe zij de aantrekkingskracht van 020 verklaart? “Amsterdam ies very international, but also gezellig.” Dat was het eerste Nederlandse woord dat ze leerde.

Veel sociaal kapitaal

Het Funen leverde Heijmans in 2011 de Gouden Piramide op, de rijksprijs voor inspirerend opdrachtgeverschap. Volgen Menno is de hoge kwaliteit van Het Funen – in zowel architectuur als openbare ruimte – de sterkste troef. “Beauty intimidates”, zegt hij. Wat mooi is, wil je zo houden.

Het roept positiviteit op, wat de primaire doelgroep – gezinnen met kinderen – versterkt. Dat bevestigt een onderzoek van studenten aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Niet lang na de oplevering van Het Funen concludeerden ze dat het sociaal kapitaal er zelfs groter is dan in de gewilde Czaar Peter-buurt.

img_0778.jpg

Belofte zichtbaar maken

Wat de ontwikkelingsmanager anno 2017 anders zou doen? “Placemaking”, zegt Menno, die intensief bij het Amsterdamse project Wiener & Co is betrokken. “Toekomstige bewoners kopen een belofte. Dan moet je vroegtijdig iets zichtbaar maken, zodat het al gaat leven. Motto: houd zelf sturing op de invulling van commerciële ruimte, zodat je de komst van wat hippe kroegen mogelijk maakt. Maar ook: leg alvast delen van het groen aan.” Ander voortschrijdend inzicht: "Bestemmingsplan en splitsingaktes zo regelen dat ze niet de aanleg van daktuinen verhinderen.”

Afscheid van Het Funen. Benieuwd? Stap in een van de 268 treinen die dagelijks tussen Amsterdam-Amstel en Centraal rijden. Halverwege, daar ligt het. Maar op een van die twee stations een OV-fiets huren en de eksters volgen kan ook.