Hoe staat het met... Fort Altena

Heijmans valt forten aan

In het Frans betekent fort sterk, solide en indrukwekkend. Dat zijn drie spijkers op z’n kop, ziet de bezoeker van Fort Altena bij Werkendam. Heijmans restaureert een deel van dit militair erfgoed. Waar ooit munitie lag, knallen de komende jaren champagnekurken.

23 mei 2019

Otters, reigers en vleermuizen weten Uppel bij Werkendam ongetwijfeld blind te vinden. Het gehucht ligt tussen de Biesbosch en het Land van Heusden en Altena. Dijkjes, knotwilgen en molens – een Hollands koektrommeltafereel. Maar ook Heijmans kent de weg in dit fraaie gebied. Werkbestemming: Fort Altena, dat vanaf 1874 deel uitmaakte van de Nieuwe Hollandse Waterlinie. Een flink complex: torenfort, kazerne, een wachterswoning en opslagruimtes voor geschut en munitie. Het had zelfs een arrestlokaal, laboratorium en ziekenzaal.

fortaltena-history-4-1-1024x722.jpg

Ongehavend kwam het verdedigingswerk de Tweede Wereldoorlog door. Tussen 1946 en 1949 fungeerde het als interneringskamp voor collaborateurs. Later nam een onderdeel van de Binnenlandse Veiligheidsdienst zijn intrek. De huidige eigenaar is natuurbeschermingsorganisatie Brabants Landschap, die de afgelopen vijftien jaar al enkele deelrestauratie heeft laten uitvoeren. Met succes: Fort Altena, dat commercie [horeca en vergaderruimtes], cultuurhistorie en natuur verenigt, is drukbezocht. Einde verhaal? Nee, want een monument is nooit klaar.

Klik hier voor informatie over Heijmans restauratie

Monnikenwerk

Maandagochtend, waterige zon boven Uppel. In de gele keet is het spitsuur, al blijft uitvoerder Kees van Mook onverstoorbaar bellen en mailen. Nog drukker is het in de aangrenzende kazerne B, die Heijmans sinds januari restaureert. Een legertje timmerlieden, installatietechniekers, metselaars, glazeniers en andere vaklui blaast het militaire bolwerk nieuw leven in. Hard nodig, weet Robin Kapteijns. De voorman-metselaar van Heijmans wijst naar de hoge kazernegevel, die achtduizend kalkgestraalde nieuwe stenen en tweehonderd meter nieuw voegwerk heeft gekregen. “Ooit is de gevel tegen vocht geïmpregneerd. Maar niet dampdoorlatend, waardoor de schillen [de baklaag – red.] van de stenen af zijn gevroren. Dat kan nu niet meer gebeuren. We hebben met rollers en kwastjes geschikte verf aangebracht. Ja, monnikenwerk.”

Op verkenning. De zogenoemde bomvrije kazerne bestaat uit twee verdiepingen, die elk vier geblindeerde ruimten tellen. Daglicht? Een kwestie van de raamluiken openzetten. Oorspronkelijk waren ze van hout, maar in 1930 liet Defensie ze door stalen exemplaren vervangen. Bij een aanval zouden ze beter de scherfinslag kunnen doorstaan. Dat oorlogsgeweld bleef Fort Altena bespaard. Toch ligt één vijand dag en nacht op de loer: de tijd. “Alles slijt, ook een fort”, zegt Robin laconiek. Hij wijst naar een raamopening: “Alle luiken en deuren zijn bij een smid kaal gestraald, van nieuw hang- en sluitwerk voorzien en gepoedercoat. Nu kunnen ze er weer tegen.”

Keuken

Van één kazerneruimte op de begane grond zijn de wanden volledig betegeld. “Dit wordt de keuken, met mechanische ventilatie, afzuiging en extra elektra”, legt Robin uit. Boven zijn hoofd welft het originele plafond. “We hebben het schoongemaakt en wit getext voor de hygiëne. Dat is het mooiste. Daar wil je geen gestucte gipsplaten tegenaan hebben.”

Twee kazerneruimtes verder schettert muziek uit een radio. Geen militaire mars, maar vrolijke pop. Het past bij de nieuwe bestemming van de ruimtes: trouwerijen, feesten, workshops en zakelijke events. Om geluidshinder te minimaliseren, hebben de ruimtes op de bovenverdieping geluidsdempende vloeren van estrikken [gebakken, vaak rode plavuizen – red.] gekregen.

img_8849.jpg

Vernuftig

Robin kent het fort inmiddels van haver tot gort. Bij zijn eerste bezoek maakte hij enkele honderden overzicht- en detailfoto’s van kazerne B. De overweging? Een goede restaurateur heeft oog voor de vierkante decimeter. Ook las hij literatuur over het militaire bolwerk. Zo’n grondige voorbereiding past het beginsel van Heijmans: de oorspronkelijkheid van een object zo veel mogelijk behouden. Op die manier doe je recht aan de geschiedenis, het ontwerp en het ambachtswerk.

Bezoek aan kazerneruimte 3. “Moet je dit zien”, zegt Robin. In zijn stem klinkt zowel trots als respect. Hij knielt bij een inpandige grespijp, druipkokers en een waterput in de vloer, die deel uitmaken van het negentiende-eeuwse drainagesysteem. Een vernuftige constructie: het hemelwater sijpelt door het zandpakket omlaag naar het dak van baksteen. De open voegen daarin doen dienst als afwateringskanaaltjes. Met minieme aanpassingen gaat Heijmans het inpandige systeem behouden.

Toch laat het verleden zich niet heilig verklaren, weet Robin. Historie legt het af tegen actuele wet- en regelgeving. Zo beschikken de acht kazerneruimtes – vier beneden, vier boven – niet alleen over brandmelders, maar ook over deuren die bij brand het complex automatisch compartimenteren. Geen overbodige luxe: in 1948 stond enkele ruimtes in lichterlaaie. Enkele zwartgeblakerde plafondbalken zijn er de erfenis van.

Shockproof

Een andere knieval voor de moderne tijd is de nooduitgang op de eerste verdieping – het fort zelf had er geen. Wie de vluchtroute volgt, komt uit bij het zandpakket dat op het gemetselde kazernedak rust. Het is drie meter dik; nog altijd is Fort Altena shockproof. Sowieso is het militaire bolwerk degelijk in het kwadraat: de buitenmuren zijn 2.20 meter dik. “En supergoed geïsoleerd”, grinnikt Robin. “Dat merkten we al bij het drogen van de smeervloer. Daar werd een hittekanon bij gebruikt. Die warmte bleef dagenlang hangen.” Mocht de Elfstedentocht desalniettemin ooit weer actueel worden: houtkachels en vernieuwde centrale verwarming voorkomen klappertandende fortbezoekers.

Fort Altena is een wereld van gemetselde beitels, boerenvlechten en duimblokken van natuursteen. Geen high tech-taal, maar terminologie die past bij spinragwerk en liefde voor historie. Robin zou geen ander werk meer willen. “Met een nieuwbouwproject maak je mij niet blij.” In 2008 raakte hij in de ban van restaureren. Indertijd was hij bij de redding van de Kildonkse molen in Dinther [NB] betrokken. Een jaar later stapte hij over naar Heijmans. Enkele projecten waar hij aan werkte: Fort bij Vechten, de brug over het Damrak in Amsterdam, de Bovenlandse Sluis bij Waalwijk en het België-monument in Amersfoort.

Horizon

Maar de honger naar historie is nog niet gestild. Vanaf het kazernedak kijkt Robin naar het zuidwestwesten. Achter de horizon liggen de Biesbosch, het Hollands Diep en Goeree-Overflakkee. Op dat eiland staat Fort Prins Frederik uit 1804. Napoleon, indertijd de baas over Nederland, heeft het laten bouwen. Het wacht op Heijmans, die het fort vanaf juni grondig gaat restaureren. Of Robin er al zin in heeft? Op zijn gezicht staan twee woorden te lezen: ‘Ten aanval!’