Hoe staat het met... Fenixloodsen #2

Extreem maatwerk

Aan de oever van de nieuwe Maas herrijst Fenix 1: 212 loftwoningen bovenop de voormalige Fenixloods. Bouwplaatsmanagers Leo de Haas en Gerard Blaak vertellen over hoofdbrekens, extreem maatwerk en de aankomende oplevering.

20 juni 2019

Terwijl in de keet het vaste Heijmansteam van twaalf collega’s zijn werk doet, lopen er buiten op de bouwplaats ruim 200 vaklui. Het project Fenixlofts gaat zijn laatste fase in. Dat betekent veel afbouwen en gefaseerd opleveren, vertelt bouwplaatsmanager Leo de Haas. “In de oorspronkelijke loodsen is plaats voor commerciële ruimtes, een cultuurcluster, parkeergarage, kadewoningen en op de hoek een bed & breakfast.

Het cultuurcluster waarin Codarts Hogeschool, Conny Jansen Danst en Circus Rotjeknor ruimtes huren, is al opgeleverd. Op 1 juli volgen de commerciële ruimtes. Momenteel werken we vooral hard aan de passage die het gebouw doorkruist. Die geeft namelijk toegang tot de woningen, dus die moet nu als eerste klaar. Daarna starten we met de oplevering van de bovenbouw.”

Fenixlofts Rotterdam 2019.8.jpg

Niet een woning hetzelfde

Bovenop de voormalige loods is een incisielaag aangebracht, een tafel die rust op een enorme staalconstructie met kolommen door, maar vrij van, de bestaande loods. Deze vormt de verbinding tussen de oude Fenixloods en het nieuwe gedeelte. Daarop staat de bovenbouw, met 212 appartementen die variëren van 40 tot 300 m2. “De afbouw gaat van onder naar boven en we leveren van boven naar beneden op, om te voorkomen dat bewoners en bouwvakkers elkaar in de weg lopen”, legt Leo uit. Dat is niet geheel ondenkbaar. Veel woningen zijn namelijk casco opgeleverd en moeten dus nog worden afgebouwd.

Fenix in de prijzen

“Niet één woning is hetzelfde. Zowel qua afmeting, indeling als afwerking zijn ze verschillend”, vult collega bouwplaatsmanager Gerard Blaak aan. “Sommigen zijn ‘raw’, een betonnen plafond en verder niets. Er zijn woningen met scheidingswanden maar zonder badkamer, met spuitwerk of juist zonder. Dit is extreem maatwerk en onze grootste angst was dan ook dat de spuiter teveel zou spuiten.” Die uitdaging is getackeld door voor iedere woning een zogenaamde ‘quatrotekening’ te maken: vier plattegronden met daarin alle specifieke informatie over indeling, gips- of metalstudwanden, stucwerk, elektriciteit en badkameraansluitingen.

Fenixlofts Rotterdam 2019 Gerard Blaak Leo de Haas.jpg

Bouwplaatsmanagers Leo de Haas (l) en Gerard Blaak bekijken een quatrotekening.

Afbouwsessie

Om alles goed te verlaten verlopen, organiseerden de bouwplaatsmanagers een aantal sessies om de neuzen dezelfde kant op te krijgen. Gerard: “Daar waren alle afbouwers bij aanwezig en hamerden we erop dat niet één woning hetzelfde is.” De uitdaging daarbij is vooral dat het een andere werkwijze vraagt dan normaal. “Afwerkers zijn gewend meters te maken. Gaan ze van start, dan zijn ze een voortdenderende trein. Dat kan hier niet. In sommige lagen zijn er maar vier huizen te spuiten. Dat betekent ook dat er de ene dag drie spuiters nodig zijn en de volgende één. Aan ons de taak om steeds een aantal dagen vooruit te kijken, te monitoren wie in welke woning bezig is en wie op wie aan het wachten is”, aldus Leo.

Hecht team

Ook het werk wat de drie torenkranen verrichten, vroeg om het betere denkwerk. “De hijskranen werkten zowel aan de staalconstructie als aan de tunnels. Dus dan maak je van tevoren een planning. Daaruit bleek dat CSM, die de staalconstructie heeft gezet, op bepaalde dagen 24 kraanuren nodig had. Daar kun je moeilijk over doen, maar we gingen gewoon van start en overlegden voortdurend. Twee keer per week een ‘kraanvergadering’ en iedere dag de planning voor de komende dagen bijstellen”, zegt Leo.

Een prachtig samenspel volgde. “Het kwam wel eens voor dat de staalconstructie tussendoor even een kraan nodig had. Dan legde ik de tunnels even stil zodat hij verder kon. Later kregen we dat altijd weer vlakgeschoven”, herinnert Gerard zich. “Het kostte wat hoofdbrekens, maar ik kijk er met plezier op terug.”

Oude en nieuwe bouwelementen komen samen in de Fenixloodsen.

Van alles wat dit iconische project met zich meebracht, zijn de heren het unaniem eens over waar ze het meest trots op zijn. “Het team”, zegt Gerard. “Dat is ongelofelijk sterk en we hebben met elkaar echt wat voor elkaar gebokst. We werken hier met topuitvoerders en topwerkvoorbereiders, met zoveel kennis, kunde en ervaring kun je veel bereiken. Als er iemand omhoog zit, springt een ander bij. Het geeft de ruimte om zaken goed te regelen. Dat is absoluut nodig met zo’n project. Iedereen heeft wel eens een moment dat het ‘m zwaar valt, fijn als je dan gebruik kunt maken van elkaars sterke punten.”

Langstlopende project

Als de oplevering van de appartementen begint, start ook de afbouw van de lofts. Dat doen de kopers zelf. “Voor ons is dit nieuw. De afbouw gebeurt natuurlijk buiten ons om, maar we zijn wel buren van elkaar. Dus maken wij het bouwterrein aan de kade vrij om plek te bieden aan alle klusbussen. De VvE huurt een bedrijf in dat alles zal coördineren, van laad- en losplaatsen tot liftreserveringen en kranen”, vertelt Leo.

Fenixlofts Rotterdam 2019 Gerard Blaak Leo de Haas.1.jpg

Gerard Blaak (l) en Leo de Haas maken de kade vrij voor klusbussen.

De algemene oplevering is in oktober: voor Gerard en Leo betekent dat afscheid van hun langstlopende project ooit. Leo: “Gerard zat hier twee jaar, ik drie. Nog nooit werkte ik zo lang op een project. We zijn nu met de laatste puzzelstukjes bezig en – in tegenstelling tot een echte puzzel – zijn die het moeilijkst. Het blijft de vraag of de materialen op tijd komen en er genoeg goede vaklieden beschikbaar zijn. Als ik straks terugkijk op dit project, zal ik me vooral het fantastische team herinneren. De complimenten voor het ontwerp zijn geheel voor MEI Architects, maar stiekem ben ik er toch ook wel trots op dat wij dit project hebben gerealiseerd.”