Slimmer asfalt voor Schiphol

Dankzij een dunne slijtlaag van kleine steentjes hebben vliegtuigen op Schiphol tijdens het landen, opstijgen of rijden optimaal grip. Het aanbrengen is complex, kostbaar en tijdrovend. Productmanager Maarten van Santvoort en technisch adviseur Michiel-Martijn Willemsen ontwikkelden samen met hun collega’s op Schiphol en specialisten van de luchthaven een beter alternatief.

16 april 2018

Een vliegtuig landt met een gemiddelde snelheid van 250 km/h. De banden versnellen dus zodra ze de baan raken in enkele seconden van stilstand naar een Formule 1-achtige snelheid. Dat gebeurt soms meer dan 600 keer per dag. Een enorme belasting voor het asfalt. Niet zo gek dat het beheer en onderhoud van de vijf start- en landingsbanen op onze nationale luchthaven een belangrijke rol speelt in het assetmanagementcontract dat Heijmans met Schiphol heeft.

P5050146.jpg

“Alle banen op Schiphol zijn voorzien van asfalt met daarop een laag vastgelijmde steentjes”, vertelt Michiel-Martijn Willemsen. “Deze ruwe slijtlaag heet Antiskid®. Het geeft vliegtuigen extra grip tijdens het remmen en rijden. Tevens vermindert het de kans op aquaplaning door drainage van regenwater onder de banden, dankzij het waterbergend vermogen van de macrotextuur van het oppervlak.”

Bij aquaplaning zijn de banden niet meer in staat om het vele water af te voeren. Het water vormt een laag onder de banden en de grip op de baan gaat verloren. Stuur-en rembewegingen worden dan niet meer doorgegeven, met het risico dat een vliegtuig van de baan kan schieten.

Vegen en zuigen

Het beproefde product kent ook nadelen. “Het aanbrengen van Antiskid® kan alleen onder specifieke weersomstandigheden. Zo mag de luchtvochtigheid niet te hoog zijn en ook wat betreft temperatuur is de marge klein. De praktijk leert dat de omstandigheden in de zomer perfect zijn. En laat dat nou net de drukste periode voor Schiphol zijn: niet de beste tijd om een baan te sluiten”, lacht Maarten van Santvoort.

Flightflex® is ontwikkeld in het asfaltlaboratorium van Heijmans

Volgens Michiel-Martijn voelt een verse laag Antiskid® aan als zeer grof schuurpapier die gedurende het gebruik over de jaren langzaam slijt. “De steentjes liggen met de punt omhoog in de lijmlaag. Wanneer een vliegtuigband het asfalt raakt, blijft er een heel klein beetje rubber achter. Op den duur raken de poriën van de baan verstopt en loopt regenwater minder goed weg. En denk aan losgeraakte steentjes. Om schade aan vliegtuigen te voorkomen, moeten we een nieuwe laag Antiskid® een paar keer vegen en zuigen.”

Verhoogde beschikbaarheid

Vijf jaar geleden kregen Maarten en Michiel-Martijn de vraag van Schiphol of ze een alternatief voor Antiskid® wilden zoeken. Dat alternatief moest niet alleen veilig, stroef, sterk, duurzaam en waterbergend zijn, maar ook goedkoper, sneller en gemakkelijker aan te brengen. Maarten: “Nu moeten we meerdere handelingen verrichten om de deklaag van een baan volledig te vernieuwen. Eerst leggen we een onderlaag van ‘normaal’ asfalt dat geschikt is gemaakt voor start- en landingsbanen. Deze laag is sterk en duurzaam, maar niet erg stroef en heeft weinig waterbergend vermogen. Daarom smeren we de baan vervolgens in met een speciale lijm, waar we dan de eerdergenoemde kleine steentjes overheen strooien.”

RKP-ASFALT-LAB-H-03-2018-0148.JPG

Maarten van Santvoort in het asfaltlaboratorium van Heijmans

Flightflex® is geen aparte slijtlaag, maar een volwaardige asfalt-deklaag. “Het heeft dezelfde eigenschappen als Antiskid®, met als groot voordeel dat het onder vrijwel alle weersomstandigheden is aan te brengen. Het moet alleen wel droog zijn”, aldus Michiel-Martijn. “De belangrijkste winst hiervan is de verhoogde beschikbaarheid van start- en landingsbanen bij baanonderhoud. Dit kan niet alleen een stuk sneller plaatsvinden, ook is er minder nazorg in de vorm van veeg- en zuigwerkzaamheden nodig.”

100.000 landingen

Momenteel liggen er al verschillende praktijkvakken met Flightflex® op Schiphol, waaronder twee stroken van vijf meter breed in de touchdown-zone (TDZ) van de Zwanenburgbaan. De TDZ is de plek waar de banden het asfalt raken. De huidige vakken liggen er nu bijna drie jaar en houden zich goed volgens Maarten. “De vakken in de TDZ hebben inmiddels meer dan 100.000 landingen meegemaakt. Het heeft zich hier al bewezen.”

img_4965-1.jpg

Proefstuk Flightflex op taxibaan richting de Polderbaan

Net zoals ‘normaal’ asfalt is het oppervlak van Flightflex® vlak, maar wel ruw genoeg om aan de strenge eisen van Schiphol te voldoen. Volgens Michiel-Martijn bewezen de proefvakken dat de kans op loslatende steentjes een stuk kleiner is. En door het ontbreken van scherpe steentjes, verwacht hij dat vliegtuigmaatschappijen minder vaak hun vliegtuigbanden moeten vervangen. Bijkomend voordeel is dat er dan minder rubber op de baan achterblijft, waardoor de drainage langer goed blijft.”

Groot onderhoud Kaagbaan
Groot onderhoud Kaagbaan
Groot onderhoud Kaagbaan

Uitgebreid monitoren

De volgende stap dient zich inmiddels aan. In april heeft Heijmans op de Polderbaan een praktijkvak van vijfhonderd meter met Flightflex® over de volle breedte aangelegd. Hierbij is rekening gehouden met de geplande onderhoudsstrategie. “Dit deel van de Polderbaan moesten we sowieso vernieuwen”, stelt Michiel-Martijn.

RKP-ASFALT-LAB-H-03-2018-0098.JPG

“We gaan nu uitgebreid monitoren op technische en operationele aspecten, zoals de invloed van weer en verkeer. Het zou fantastisch zijn als we over twee of drie jaar één van de start- en landingsbanen op Schiphol mogen voorzien van Flightflex®, maar het blijft koffiedik kijken. Het nieuwe praktijkvak zal leiden tot een definitief oordeel over de toepasbaarheid.”