Lessen in lange adem

De kunst van het vooruitzien 

3 juli 2017

Begint lifecycle management bij een weg? Ja, en soms bij een wieg: “Op de A27/A1 die we ontwerpen, komen mensen te werken die nu nog niet geboren zijn.” We vroegen procesmanager Erwin van Baal over de lessen die hij trok uit het project A12 Veenendaal - Ede - Grijsoord. 

Bij Heijmans Infra heeft hij de kunst van het vooruitzien ontwikkeld. Dat past bij zijn functie van procesmanager. Maar ook DBFMO-contracten en hun varianten verlangen het. “In tenderfases sta je voortdurend stil bij de consequenties van ontwerp- en uitvoeringskeuzes voor het latere onderhoud en beheer”, bevestigt Erwin. “Natuurlijk zijn er variabelen die bepalen of je uiteindelijk last of profijt van de kwaliteit hebt: mensen, weersinvloeden, materialen. Maar je kunt veel vóór zijn.”

Leren van de A12 VEG

Goede lessen in lifecycle management dankt Heijmans aan het project A12 tussen Veenendaal, Ede en Grijsoord [VEG]. Twintig kilometer weg op de Veluwe, waarvan elf kilometer is verbreed en duurzaam is ingebed. Tot 2032 voert Heijmans het beheer en onderhoud uit. “We hebben een 24/7-calamiteitendienst en twee maal per week schouwrondes. Verder verzorgen we alle planbare werkzaamheden – van grasmaaien en afvalverwijdering tot inspecties van kunstwerken. Onder de noemer grootschalig onderhoud gaan we over drie jaar ook nog de helft van het areaal opwaarderen.”

Boeteregime louter theorie

Als procesmanager van de A12 VEG weet hij hoe ver de gevolgen van ontwerp- en uitvoeringsbeslissingen kunnen reiken. “Wanneer we één strook door tekortkomingen van Heijmans moeten afkruisen, kost dat 20.000 euro per kwartier.” Dat zijn onthutsend veel zakjes Autodrop, erkent Erwin lachend.

Gelukkig kent hij het boeteregime louter uit de theorie. “Het maakt collega’s en mij wel extra scherp. Niet alleen in de ontwerp- en realisatiefase, maar ook in de onderhoudsfase. Voorheen kon een weginspecteur van Rijkswaterstaat na een incident zeggen: ‘Gooi maar weer open.’ Nu tellen we eerst tot drie.”

Vroeg kiezen

Vroegtijdige betrokkenheid van onderhoudsspecialisten in de tenderfase heeft ook invloed op materiaalkeuzes. Zo heeft Heijmans voor het asfalt van de A12 een toplaag met een zeer lange levensduur ontwikkeld. Dat decimeert het aantal vervangingsmomenten. “Hoe dat uitpakt, blijven we scherp monitoren. Die kennis komt weer van pas om het mengsel te vervolmaken.”

Erwin van Baal lessen A12 Heijmans 2.jpg

Een ‘Veluwse’ ontwerpkeuze die ook op de A27/A1 zal worden toegepast, zijn de zogeheten bajonetten in de geleiderail. Deze doorsteekconstructies helpen onderhoudsmonteurs om vlot en veilig achter de geleiderail te komen. Voortaan hoeven ze niet meer op de vluchtstrook te staan of te manoeuvreren.

Feestje

De succesfactor voor meerjarig onderhoud? Het besef vanaf dag één bij alle betrokkenen dat wat je nú beslist of doet structurele gevolgen voor de toekomst heeft. Wat betreft tijd, geld en efficiëntie. Motto: na de feestelijke ingebruikname van een weg begint de party pas.

Zo’n cultuuromslag, waarin iedereen zich medeverantwoordelijk voor het totaal voelt, is een lange weg mét hindernissen. Toch is Erwin allerminst pessimistisch. “In de zeven jaar dat ik bij Heijmans werk, zie ik de integrale samenwerking groeien. Zowel tussen disciplines als regio’s. Dat moet ook.”

Bij de A27/A1 leeft dat besef. Een novum in dit project is het gelijktijdig optrekken van de disciplines ontwikkeling, uitvoering en asset-management. Kortom: niet langer ‘achter elkaar’ maar synchroon in één ontwikkelproces. “Het is een best practice van de IXAS die we in Amsterdam hebben aangelegd.”

Wielen en wezels

In beginsel is Erwin tot 2032 aan beheer en onderhoud van de A12 verbonden. Allerminst saai, bezweert hij. Een weg is minder statisch dan het lijkt. Ook de ligging op de Veluwe zorgt voor specifieke taken. “Onder onze regie vinden bijvoorbeeld reptielentellingen in de berm plaats, waarbij wij de afzettingen regelen. Verder is er een boommarterbrug, waarvan videobeelden worden uitgelezen.” Wegbeheerders en leden van faunaverenigingen hebben een ander beeld bij een weg, weet Erwin. Hij ziet eerder sporen van een wiel dan van een wezel: “Maar wel interessant om met zulke clubs samen te werken.”

Erwins fascinatie voor langdurig beheer en onderhoud heeft ook met de dynamiek van infra te maken. Hardop stelt hij wat toekomstgerichte vragen: “Hebben we over dertig jaar nog wel lichtmasten? Rijden we dan nog zelf? Is verbreding dan ook nog nodig?” Het vinden van antwoorden vergt een lange adem. Gelukkig heeft Heijmans die al. Dankzij Heijmans Lifecycle Management.