Bouwen aan bescherming

Wielen in het water, kop in de wind 

1 oktober 2020

Wat waterveiligheid betreft heeft Nederland een traditie hoog te houden. Door kennis en vakmanschap te bundelen in het Hoogwaterbeschermingsprogramma, zetten waterschappen en bouwers die traditie voort. Met innovatie als gezamenlijke drijfveer. Aan de Lauwersmeerdijk wordt dit in de praktijk gebracht. 

Het water komt. Sterker nog: het is er al. Een groot deel van ons land ligt onder de zeespiegel en zonder onze dijken en duinen zou zestig procent regelmatig onder water lopen. Al bijna 65 jaar is er in Nederland niemand meer omgekomen bij overstromingen. Maar met een almaar stijgende zeespiegel en steeds grotere hoeveelheden smeltwater in de rivieren, is bescherming tegen hoogwater van levensbelang.

Het water komt, een verhaal door Rutger Bregman

Daarom toetsen de waterschappen en Rijkswaterstaat regelmatig alle zogenoemde ‘primaire keringen’ in ons land aan steeds geactualiseerde veiligheidsnormen. Nieuwe studies leren dat de stijging sneller gaat dan eerder voorzien en ook na de komende vijftig jaar doorgaat. Daarom is het bijstellen van de normen continu prioriteit. In het Hoogwaterbeschermingsprogramma, onderdeel van het Nationaal Deltaprogramma, staat dat in 2050 alle keringen zijn versterkt. Dat is bijna 1300 kilometer dijk en 500 sluizen en gemalen. Hier trekt Nederland 7,4 miljard euro voor uit en daarmee is dit de grootste dijkversterkingsoperatie sinds de Deltawerken.

Kennis en kunde

Plaatje Lauwersmeerdijk werk Wetterskip Fryslan.jpg

De gele bouwketen steken fel af tegen de grasgroene dijk en blauwe lucht aan de Friese Bantswei. We zijn op bezoek bij de Heijmans-ploeg die 4,4 kilometer van de Lauwersmeerdijk versterkt, tussen Peazemerlannen en de R.J. Cleveringsluizen. Gérard Porton is de enthousiaste aanvoerder. “Heijmans werkt al decennia aan sluizen, bruggen en waterkeringen”, vertelt Gérard. “We hebben dan ook alle benodigde disciplines in huis: van grondverzet tot asfalteren, van asset management tot civiele techniek. Dus we leveren graag onze kennis en kunde aan het Hoogwaterbeschermingsprogramma.”

Statistiek

Ook Ido Boonstra, projectleider binnen Wetterskip Fryslân, neemt vandaag een kijkje. Hij vertelt dat dit stuk van de Lauwersmeerdijk, vijftig jaar oud, niet alleen scheuren in het asfalt begon te vertonen, maar ook dat de koperslakblokken die de voet van de dijk moeten beschermen, te licht zijn. “Alle dijken moeten bestand zijn tegen een storm die eens in de drieduizend jaar voorkomt. Dat kan over tienduizend jaar zijn, maar ook dit jaar. Ja, dat is pure statistiek. Maar wanneer die storm komt, is niet relevant. In 1953 wisten we dat ook niet.”

Dijkversterking Heijmans Lauwersmeerdijk 1.jpg

Gérard Porton van Heijmans en Ido Boonstra van het Wetterskip samen op de Lauwersmeerdijk.

Door de scheuren in het asfalt van de Lauwersmeerdijk, zou bij zware stormen het zand dat er onder zit kunnen wegspoelen, legt Ido uit. “Daarom is dit stuk dijk als eerste opgepakt en versterken we 'm voor nu en in de toekomst, zodat we weer veilig kunnen wonen, werken en recreëren.”

Klassiek

Dijken worden om de twaalf jaar getoetst aan de hand van een wettelijk beoordelingsinstrumentarium, vastgelegd in de Waterwet. Ido: “Met een enorm pakket aan rekenregels licht je de hele dijk door: ‘Is hij hoog genoeg?’, ‘Hoe is de opbouw?’, ‘Wat is de staat van de bekleding?’ en ‘Hoeveel belasting moet hij aankunnen?’. Ligt er bijvoorbeeld een kwelder voor, dan zorgt dat voor minder golfslag.”

Het Wetterskip wil voor 2023 alle Friese dijken hebben getoetst en een prioritering hebben bepaald. “Wijkt een dijk niet erg van de norm af, dan is deze over tien of twintig jaar aan de beurt. Deze jongen had snel versterking nodig”, wijst Ido. “Vanwege de urgentie kozen we voor een klassieke dijkversterking in een traditionele contractvorm, al passen we hier wel innovatieve materialen toe.”

Opbouwen

Die innovatieve materialen zijn de Verkalit interlock zetstenen met een holle en bolle kant, die in elkaar passen en daardoor flexibel mee kunnen bewegen met zettingen in de dijk. Ze worden voor het eerst op grote schaal gebruikt in een Nederlandse dijk, maar zijn eerder beproefd in Duitse zeeweringen. Het Wetterskip heeft ze voorgeschreven, aangemoedigd door de wens om innovaties toe te passen vanuit het Hoogwaterbeschermingsprogramma. Na uitgebreide tests in het Deltagoot-stroomlaboratorium in Delft, legt Heijmans de betonnen elementen op hun plek aan de voet van de dijk.

Prototype zetstenen dijkversterking Lauwersmeerdijk Heijmans.jpg

Gérard laat de werking van de zetstenen zien, die met een holle en bolle kant elkaar 'opsluiten'.

Lopend over de dijk legt Gérard uit hoe de Heijmans-trein werkt: “Je pakt steeds een stuk aan van ongeveer 750 meter. We strippen de dijk helemaal, halen alle bekleding eraf en laten alleen het zandpakket liggen. Dan bouwen we hem van onderaf aan weer op. Eerst met klei, dan de filterlaag, de zetstenen en vervolgens het asfalt. Je bouwt steeds verder op naar boven.” Aan de teen van de dijk liggen de oude koperslakblokken voor extra steun. Gérard en zijn team vernieuwen in een half jaar tijd ongeveer tweeëneenhalf à drie kilometer. Afgesproken is in het najaar van 2021 klaar te zijn.

Flexibel

De planning is strak, want “eind oktober start het stormseizoen en ligt ons werk stil tot april volgend jaar.” Volgens Gérard is dit project behoorlijk uitdagend, niet alleen vanwege de urgentie en daardoor korte voorbereidingstijd, ook omdat het ontwerp nog vrij laat in het traject moest worden aangepast vanwege nieuwe rekenregels. “Er bleken toch zwaardere zetstenen nodig voor het hele talud, in plaats van 2350 kilo is dat nu 2650 kilo per kuub”, aldus de projectleider. “Ze zijn even groot, maar ze geven meer druk op de dijk om golfslag op te vangen.”

Asfalt, zetstenen en koperslakblokken aan de teen van de dijk vormen samen de dijkversterking.

Dat is even lastig in het projectmanagement, maar “daar kom je samen uit”, blikken de twee terug. “Wel is het zo dat je in zo’n contractvorm als deze minder flexibel bent”, ziet Ido. “We brachten een kant-en-klaar bestek op de markt, door ons is de aanpak helemaal uitgedacht, en op dat takenpakket schrijft een bouwer in. Nu werken we aan de voorbereidingen voor de versterking van de 47 kilometer dijk hiernaast. Daar kunnen we het anders aanpakken, kijken we ook hoe we meteen het landschap en de natuur kunnen verbeteren.

Op dit stuk dijk was veiligheid de eerste prioriteit, en voorkomen en compenseren we eventuele negatieve gevolgen van de dijkversterking voor de natuur. Je kijkt natuurlijk altijd naar welke oplossing geschikt is voor een specifieke kering, wat dat betreft is het maatwerk. Maar we nemen de lessen die we nu met Heijmans leren uiteraard mee.”

Bij de vele partijen die zich buigen over dijkversterkingen, behoren ook natuurorganisaties als de Waddenvereniging. En het belang van de zeehonden wordt door de provincie Friesland beheerd. Ido: “Pas als wij inzichtelijk kunnen maken wat de mogelijke gevolgen zijn voor flora en fauna van dit project, krijgen we een vergunning om aan de slag te gaan.” Dat is een hele puzzel, vertelt Gérard, want je kunt rekening houden met broedseizoenen, maar er kan altijd een scholekster net naast je rijplaten gaan zitten nestelen. Of trekvogels die op een ander moment gaan vliegen dan verwacht. “De natuur is onvoorspelbaar, daarom kun je de regels nooit zwartwit toepassen. Zit je eenmaal in de uitvoering, dan is alles vaak net anders."

Bouwteam

Gérard is ook betrokken bij de planvorming voor de aanpak van het Groningse stuk van de Lauwersmeerdijk. Waterschap Noorderzijlvest gunde de versterking van de negen kilometer zeedijk van Lauwersoog tot de Westpolder aan de combinatie Waddenkwartier, waar Heijmans samen met GMB deel van uitmaakt. Bijzonder is dat dit project in een bouwteam wordt opgepakt.

Door de bouwers al in de planfase aan zich te binden, verwacht Noorderzijlvest kansen en innovaties vroegtijdig mee te kunnen nemen in het dijkontwerp. Daarnaast vereist de ligging van de zeedijk grenzend aan Natura2000-gebied, de haven en een oefenterrein van Defensie, een vroegtijdige beheersing van de logistieke risico’s. Doel is na succesvolle afronding van de planfase een overeenkomst te sluiten voor de realisatie van de dijkverbetering.

Gérard: “Doordat je als uitvoerende partij al vanaf de start meekijkt, worden de risico’s tijdens de uitvoering verkleind of weggenomen. De opdrachtgever komt zo nooit voor verrassingen te staan. Daarbij kan de voorbereiding en bouwtijd aanzienlijk worden ingekort en de opdrachtgever blijft intensiever betrokken. In een bouwteam bouw je aan een relatie en wederzijds vertrouwen.”

Noorderzijlvest heeft aan de dijkversterking ook een aantal koppelkansen verbonden. Zo is er een tweede ontsluiting van de haven van Lauwersoog beoogd en een meer natuurlijke overgang tussen het Wad en de dijk en onderwaternatuur, zodat de natuur zich beter kan ontwikkelen. Het bouwteam kijkt tot aan het integrale voorlopig ontwerp mee over de schouders van de opdrachtgever en adviesbureau en brengt al in deze fase de uitvoeringskennis en risico’s in. 

Een koppelkans is een mogelijkheid om verschillende plannen of projecten te verbinden en tegelijkertijd uit te voeren. Dat kan efficiënter zijn dan ze allemaal los te realiseren.

Dijkversterking Heijmans Lauwersmeerdijk Gérard Porton Ido Boonstra .jpg

Getijden

Risico's? Ja, werken in getijdegebied heeft zo zijn uitdagingen, weet Gérard. “Omdat het weer van grote invloed is op wanneer je waar kunt werken. Je werkt met het tij mee. Natuurlijk heb je een getijdentabel, maar die is gebaseerd op astronomie, het werkelijke tij is altijd anders. De wind en windrichting hebben daar heel veel invloed op. Daar moet je continu rekening mee houden in de uitvoering en dat kan wel eens lastig zijn.

Dijkversterking Heijmans Lauwersmeerdijk 5.jpg

We werken van onder naar boven, dus zodra het afgaand water is, pakken we de werkzaamheden onderaan de dijk op. Soms heb je pech en komt het water door de stand van de wind al eerder op. Dan moeten we met de machines het water uit naar hogere delen. Dus soms kun je dan pas om drie uur ’s middags of later weer verder.” Gérard en zijn team maken daardoor af en toe lange dagen.

Hoewel het bikkelen is, prijst Gérard zich gelukkig met deze werkplek. “Hoewel je elke dag op dezelfde plek bent, ziet die er altijd anders uit. Door de windrichting, de maanstand, eb of vloed of springtij is geen dag hetzelfde. Je maakt de wisseling van de seizoenen heel bewust mee. Ik ga nooit naar huis zonder nog even op de dijk te hebben gekeken.”